Mrs. Langkous

Het ging uit met mijn vriend en ik zocht naar woonruimte. Voor ik het wist was ik thuis bij een vrouw van drieeënnegentig en liep ik haar krakende trap op terwijl ze zelf in de stoel waarin ze zat leek te zijn weggezakt en dus vanaf daar bleef roepen in welke richting ik de wc kon vinden. Daarna kreeg ik van haar thee en toen die op was zei ze dat ik zelf maar even door het huis moest lopen. “Trek elke deur maar open en doe ze ook weer dicht, bekijk het allemaal en kom dan terug.”
Toen ik opstond begon ze meteen naar buiten te staren en hield ze zich stil, alsof ik al veel verder weggelopen was en niet nog tegenover haar stond. Ik liep de kamer uit en bekeek het huis.

Het was een echt oud herenhuis. Ik dacht daar meteen aan omdat mijn ex in de woningbouw zat. Het was prachtig, of misschien was het prachtig geweest. Ze nam huurders om het te kunnen behouden, had ze me verteld.
Ik zag dat ze een aantal echte kunstwerken had hangen in de gang, vervaagd door sigarettenrook en scheef aan onvaste haakjes, maar toch. Ik zag dat ze een artistiek leven had geleid. Ik zag aquarellen en foto’s, ik zag muren vol boekenkasten alsof ik op de set van een film was, een film uit de jaren vijftig- van deze, de vorige, of zelfs de eeuw daarvoor nog.
Er was een tuin, overwoekerd, met een eeuwenoude eik. Ook de woonkamer waar zij in achtergebleven was hing vol met planten, de meesten in potten die met kettingen aan het plafond bevestigd waren. Ze filterden het zonlicht dat door de hoge gebrandschilderde ramen binnenviel nog verder.
Er was een badkamer met een bad op pootjes. Er was een toilet met tegeltjes uit de zeventiende eeuw, echte, handgeschilderde, dat weet ik zeker, en een stortbak. Er was het hoge plafond en de schuifdeuren daartussen. Er waren de tapijten aan de muur en op de vloer. In de gang stond op een tafeltje tegenover het toilet een zwarte bakelieten telefoon.

Het leek het huis van Pippi Langkous die in Mrs. Dalloway was veranderd. Of andersom: uiteindelijk had ze haar echtgenoot toch weten te ditchen en hun rijke herenhuis naar smaak ingericht en niemand zou haar er weg krijgen. Een aapje had er prima gepast.

Op de tweede verdieping vond ik de kamers en in één daarvan een bewoner. Hij vertelde me dat daar alleen koffie gezet kon worden en eigenlijk niet gekookt, terwijl hij wees op een campingachtige constructie met een gasfles.
“Je mag in haar eigen keuken, dat vind ze leuk zelfs,”, zei hij. De vriendin die me dit huis had aangeraden kende iemand die er had gewoond en ook zij was zeer enthousiast over de hospita. “Ze houdt er wel van dat als je dan thuiskomt dat je even je hoofd om de deur steekt”, had zij gezegd.

Toen ik terugkwam in de woonkamer drong ze ongeduldig aan dat ik ging zitten, ze zag me al aankomen en was niet naar buiten aan het staren, ze zei: “Is het uit met je vriend? Dat is het zeker hè? Vertel eens even.”
Ik vertelde, en toen vertelde zij en de Pippi Langkous meets Mrs. Dalloway-indruk bleek wonderwel te kloppen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s