Wandelgangen

Ik werk overal en nergens, maar op twee plekken kom ik regelmatig. Een sinds anderhalve week – het is een groot kantoor van een belangrijk overheidsbedrijf waar ik sinds kort broodnodige centen bijverdien.
In een eerste, ander gebouw loop ik al een dik half jaar rond – het is een studio, maar ook een gymzaal en een soort oude betonnen fabriek – er huizen nogal wat verschillende mensenfuncties in. Daar ben ik vrijwillig en enthousiast, ook al onbetaald aanwezig, in de functie van radioredacteur en tweemaal in de week: op maandag in de studio en op dinsdag in het vergaderlokaal dat zich bevindt in de enige wandelgang van dat complex.
Een collega aldaar kwam onlangs tot een probleem door die wandelgang. Hij is groot fan van Hendrik Werkman en kwam er tot zijn afgrijzen achter dat de door hem zo verachte poster met de leus “Ga eens aan het Werkman” door een van de bedrijfjes achter een deur in die wandelgang was gemaakt.
Nu zijn wij er altijd ‘s avonds en is er dus nooit iemand. Een aantal weken stond hij spugend van irritatie naast het plakkaat van het bedrijf dat het kwaad had doen ontstaan, zonder dat hij de man zelf ooit sprak.

Van fulltime freelance naar corporate job viel mij dan ook de propvolle wandelgang van het mooie nieuwe bedrijfsgebouw op. Hier leek het ongeveer het tegenovergestelde.

Na een week training was ik erachter dat als ik mijn tijd nog nuttig wilde besteden, ik mijn aangegeven urenaantal terug diende te schroeven. Dit wilde ik dus doorgeven aan het uitzendbureau dat eigenlijk mijn werkgever is en in de vorm van vier personen in onze eigen wandelgang achter een deur aanwezig is.
Ik zie ze continu- elke koffiepauze loop ik tegen de uitzendbazen aan. Ze zijn vriendelijk en open. Maar voor een vraag, las ik op een Aviertje dat op de deur was geplakt, moest ik me aan hun spreekuur houden.
Van mijn krappe lunchpauze haalde ik nogal wat tijd af toen ik daar op de correcte tijd aanklopte. De medewerkers waren allemaal in gesprek. “Stuur maar een mail” maakte een er duidelijk, en toen ze merkte dat ik niet meteen wegliep en toch echt live met haar wilde communiceren, haalde ze geïrriteerd haar headset van haar hoofd en wachtte ze ongeduldig af. Ik vertelde dat ik dat al had gedaan en nog geen bericht terug had gekregen, had ze mijn mail ontv- Ze onderbrak me en zei dat ze me die ochtend al terug had gemaild. “Oh,” zei ik toen. Daarop liep ik het kantoor weer uit, want haar starende blik gaf aan dat dit de bedoeling was.

De volgende dag sprak ik haar bij de koffieautomaat en vroeg ze weer gewoon vriendelijk hoe het ging, of het in de hitte te doen was en hoe alles tot nu toe beviel? Ze dipte haar theezakje in haar hete water en luisterde rustig naar wat ik vertelde, lachte, maakte een grapje – ik maakte een grapje terug.
“Nou, als je nog vragen hebt, je kunt altijd mailen hè”, zei ze daarna, toen ze wegliep.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s