Vijvers

Vroeger kon je op mijn verjaardag voor het eerst schaatsen. Nu zeg ik erbij: op natuurijs, toen was dat logisch. Het zal meerdere keren gebeurd zijn, maar ik herinner me er twee.

De eerste: iets met oranje laarsjes. Ik heb witte kunstschaatsen, die eruit zien als veterlaarsjes die de meisjes van Afke’s tiental ook op tekeningen dragen en ik vind het leuk ze langzaam dicht te knopen, de veters haal ik zorgvuldig langs de lussen en dan voel ik me al heel groot.
“Goed zo!” zegt m’n tante jubelend en m’n vader zegt: “Schiet op.” Hij wrijft over zijn zij, over zijn ribbenkast, alsof hij zichzelf wil omhelzen en hij blaast rook uit zijn mond in zijn vingers. Het is helemaal niet koud.
Op het ijs kraakt het en mijn neus wordt het koudst van allemaal, als een soort centrum van mijn lichaam, als een radar die de lucht oppikt. Ik schaats. Mijn nichtjes schaatsen mee, en mijn buurmeisje. Zij baalt nu dat ze altijd moet in een rok, tot op haar enkels, die is niet warm en de jongens op het ijs trekken hem omhoog als onze vaders en moeders niet kijken. Ze schaatst snel terug naar de kant, ze durft niet meer. Ik heb een spijkerbroek aan, met extra stukken stof op mijn knieën en ik heb mijn broekspijpen onderaan opgerold, twee keer, drie keer, mijn vader deed het en trok ongeduldig aan de stof. Nu staat hij aan de kant zichzelf breed te maken en te wijzen naar mij. Mijn tante staat klaar met een handdoek voor de ijzers maar ze kijkt niet, ze kletst met de moeder van de buurvrouw die steeds zegt “Rianne, Rianne, toe nou, waarom zit je hier nou aan de kant?”
“Zo word je koud”, zegt mijn buurvrouw.
Mijn broertje en haar broertje zijn net als wij even oud en zij schaatsen naar de jongens in het midden naast de brug, waar een wak is en eenden zijn en de jongens gooien sigaretten op hen af. Mijn broertje komt terug naar ons en doet ook zijn schaatsen uit, mijn buurjongetje heeft van een van hen een sigaret gebietst.
Waar die oranje laarsjes vandaan komen weet ik niet. Ik droeg ze misschien, of mijn buurmeisje, of iemand die jonger was en die ik zag terwijl we terugliepen – dat kan ik er wel van maken nu, dat is een mooi motief. We gingen naar huis en ik zag nog net hoe een klein meisje met net zo’n rok als Rianne daaronder knaloranje laarsjes aantrok, zittend op de kant.

De tweede was in de grote vijver aan de overkant van het spoor, waar de nieuwe wijk werd gebouwd die nu bijna een derde van Rijssen behelst en ervoor zorgt dat mijn ouders, die daar uiteindelijk ook terecht gekomen zijn, eigenlijk dichterbij het station van Nijverdal wonen. Die vijver, waar drie bruggen zijn en een fietspad langsloopt waar aan het eind mijn andere buurmeisje is gaan wonen, het meisje waar Rianne voor in de plaats gekomen is. Zij zit gewoon bij me op school en draagt dus broeken en ze schaatst dan ook joviaal langs, met wanten en handschoenen die door haar moeder met touwtjes door haar jas gehaald zijn en ze leunt op een stoel. Ik moet lachen. Ik lach haar uit.
“Zo leer je het goed hoor”, zegt haar vader. “Je moet haar niet uitlachen.” Haar kleine zusje schaatst langs, zonder stoel en snel, ze is mooi en sierlijk en ze lacht met kuiltjes in haar wangen. De moeder is zwanger van de volgende. Dat wordt een meisje, en ze heet Roosmarijn, hebben wij bedacht en dat mocht ook van haar, ze vroeg welke naam wij wilden. Het werd een jongen.
Er is koek en zopie en mijn tante, die er ook weer bij is met ook haar eigen kinderen, lacht daar steeds om en maakt daar grappen om die ik niet begrijp. Mijn vader maakt ook grappen. Hij heeft het minder koud.
“Je moet je gewoon goed aankleden”, zegt hij triomfantelijk. Hij heeft dikke handschoenen aan die hij in de zakken van zijn jas heeft gestopt.
“Zie je dat spoor?” vraagt de vader van mijn vroegere buurmeisje. Hij wijst op een witte streep die buigend en slingerend de hele linkervijver over gaat. “Die heb ik vanmorgen gemaakt.” Ik ben onder de indruk, en ik volg het spoor en zie ganzen, in een wak onder de brug aan het einde.
“Je moet niet dichtbij ze komen”, zegt de vader.

De vijver bij mij om de hoek is vierkant en groot en simpel. Hij lijkt te horen bij de vensterschool die er boven hangend is gebouwd en heel mooi is en nog in functie. Het is een kleuterschool. Je hoort de kinderstemmen er altijd boven het water uit, maar heel zachtjes, de ramen zijn dik.
Er zwemmen eenden en waterhoentjes en er staan aalscholvers aan de kant hun veren te drogen alsof ze je willen provoceren, maar zodra je hun kant op kijkt vouwen ze zich dicht. Er zitten vissers aan de kant, half verscholen onder grote groene paraplu’s. Soms wacht er naast hen een kat.
De eerste keer dat je er ineens weer op kon schaatsen leek te gebeuren van de ene op de andere dag: het groene kroos was in witte sneeuw veranderd en daaronder lag een perfecte laag ijs en de hele vijver zat vol, vol met elegant zwierende mensen, die ook na jaren en jaren precies wisten wat ze moesten doen.

Nu is het zomer. De ganzen zijn aan de andere kant, bij de lange, natuurlijker lijkende vijver waar altijd de honden worden uitgelaten en niemand zit te vissen. Daar zaten ze aan de overkant toen ik eergisteren naast de treurwilg ging zitten in het gras.
Naast mij lagen twee eenden te slapen. Ze bewogen en zagen me en stonden op en waggelden weg. Ik at snoep en keek om me heen naar de honden en de mensen maar er waren er heel weinig. Er kwamen vanuit het water twee eenden op me af. Ik kon niets aan ze geven. Ze zwommen door, naar de dertig meter verderop, waar op het bankje twee jongens zaten.
De ene jongen praatte en praatte, boog helemaal over de andere jongen heen, die voorover gebogen zat, met zijn handen op zijn oren en die ineens riep, het galmde over het water: “Nee! Nee! Je luistert niet!”
Toen ik klaar was met snoep eten en om me heen kijken en de treurwilg goed had bestudeerd, stond ik op. Ik moest langs hen lopen. Ze zagen me niet eens.
Toen ik na een tijdje via de bocht aan de overkant weer langs hen liep, zat de ene jongen op zijn knieën op de grond en hield hij de hand van de andere jongen vast. Die keek nog steeds vertwijfeld, maar had zijn handen niet langer op zijn oren.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s