Ontmoetingen

Gestopt
Ik loop over mijn stoep en laat mijn kat achter, er is een punt dat hij niet verder met me mee durft maar soms loopt hij door en dan verdwaalt hij, ik loop achteruit kijkend om dat te voorkomen en bots tegen iemand in een rolstoel aan. Hij kan normaal wel lopen, zijn been is ingezwachteld en languit gestrekt met een blote voet. Hij probeert moeizaam de drempel van de stoep op te komen maar rolt steeds terug en geeft het net op. Hij vraagt mevrouwtje hee meisje hee haha hee hoi wil mij wel even helpen misschien? met een hele gore stem, maar dat hoor ik niet meteen, want hij is zielig. En ik zeg ja hoor en ik pak de handvaten van de rolstoel en rol hem en meteen denk ik shit, hij neemt vier slokken uit een fles alcohol in een bruine zak, no kidding net als in de film. Hij houdt meteen op met moeite doen en hij is zwaar. Ik heb hier geen zin in.
Hij draait zich om en ademt in mijn gezicht en grijnst een vieze wellustige grijns, zo oud ‘is ie ook nog niet, zie ik. Een man die langs fietst roept hem lachend en slingert verder en triomfantelijk roept hij terug.
“Tot die hoek daar”, lieg ik, “daarna moet ik naar rechts”.
Hij heeft me door en lacht en zegt: “Tot de Irislaan. Dat is prima.”
Hij lacht nog een keer en nog een keer. Ik laat hem achter, hij neemt weer een slok en zegt bedankt he hee bedankt hee, haha – ik sla rechtsaf en kijk niet achterom, moet nu helemaal omlopen naar de supermarkt.

Doorgefietst
Een paar dagen later fiets ik snel, niet omdat ik haast heb, maar omdat het lekker gaat, langs een meisje dat ook in een rolstoel zit, er klopt iets niet – ik rem en mijn mountainbike kukelt een beetje voorover, ik kijk naar links naar haar elektrische rolstoel die heel langzaam beweegt en de blik op haar gezicht die heel treurig en eenzaam is, aarzel, maar ik stop niet, ik fiets door.

Hondje
Ik loop door het parkje achter mijn huis na het avondeten, om mijn lichaam dat de hele dag gezeten heeft nog in werking te zetten en bijna aan het einde staat een bankje. Daarop zitten een hele dikke, mooie grijnzende donkere vrouw en een oude bleke man met een hoedje, hij lijkt op de Cock met CeeOoCeeKaa. We zeggen alledrie beleefd hallo en dan moet de vrouw al giechelen. En net als ik langsloop zegt de man: “Waar is het hondje?”
Ik loop door, denk na, kijk om en zeg: “Ik ben zelf het hondje!”
Daarom moet hij glimlachen, hij is het tevreden met het antwoord, maar de vrouw nog meer, die giert het uit.

Hoelahoep
Verderop ligt op een kleed een meisje achterover te hoelahoepen. Ze duwt haar onderlijf recht omhoog, haar bovenlijf ligt tot haar rug nog op de grond en probeert haar heupen zo te bewegen dat de hoepel in beweging blijft rondom haar dijen. Het lukt niet. Ik hoor haar heel hard lachen en nog een keer heel hard lachen, al voor ik haar zie.
Als ik bij haar aangekomen ben zie ik dat ze er alleen zit en kijkt ze me even betrapt aan, maar meteen lacht ze weer en ze zegt onbeschaamd Hoi. Ze doet de hoepel weer om en gaat verder waar ze gebleven was.
Als ik door loop hoor ik haar weer lachen.Twee meter verder, voor haar onzichtbaar achter bosjes, zitten twee meisjes met hun knieën opgetrokken naast elkaar op een houten bank, eentje draagt een enkellange rok maar heeft die niet mee omhoog gehouden terwijl ze haar armen om haar knieën klemt en dus zie ik een glimp van haar onderbroek en als ik langsloop corrigeert ze zich niet. Ze kijken naar de eenden in de vijver en praten zacht met elkaar. Tussendoor is het hoelahoepende meisje te horen, die lacht en lacht.

 

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s